Verve 1951-1957

De kunstenaarsgroep Verve wordt in 1951 opgericht door de bekende Haagse kunstenaars Theo Bitter, Willem Schrofer, Nol Kroes, Frans de Wit en Jan van Heel. Aanleiding is de behoefte om gezamenlijk te exposeren en zo als platform te dienen voor gelijkgezinde schilders en beeldhouwers uit Den Haag. Alle leden werken figuratief. Bij de oprichting wordt een door Willem Schrofer opgesteld manifest gepresenteerd.

 

De groep wil sociaal en progressief zijn zowel in stijl, als in streven. Verve deelt zich daarom ‘een stimulerende, een bezielende’ taak toe. Het directe contact van het publiek met het kunstwerk en de kunstenaar staat voorop. Om dit te bereiken worden tentoonstellingen met rondleidingen door de kunstenaars zelf, discussieavonden, feesten, lezingen en manifestaties georganiseerd.

 

Erkenning krijgt de groep in de vorm van toekenning van de Jacob Marisprijs aan verschillende leden, waaronder in 1953 aan Nol Kroes voor ‘Dubbelportret, de schilder en zijn vrouw’.

 

 

 

 

 

 

Vanaf haar oprichting in 1951 tot haar opheffing in 1957 heeft Verve continu tentoongesteld, in Den Haag, maar ook in Amsterdam, Luxemburg, Brussel en New York.

 

 

 

 

Verve pretendeert niet een revolutionaire groep te zijn. Bij verschillende kunstenaars is de invloed van in Parijs gevestigde kunstenaars, zoals Modigliani, Campigli en Soutine te herkennen. Sinds eind veertiger jaren is men in Den Haag reeds bekend met de abstracte kunststroming.

 

 

Sommige Vervisten, waaronder Hubert Bekman en Frans de Wit, beginnen een aantal jaren na de oprichting van Verve met deze stijl te experimenteren. Op de expositie in het Stedelijk Museum in Schiedam in 1954 wordt duidelijk dat de eenheid in stijl binnen Verve is verdwenen. Als in 1956 de abstract werkende George Lampe, Wil Bouthoorn en Chris de Moor tot de groep toetreden, wordt de abstractie de overheersende stijl. Van homogeniteit is geen sprake meer en de groep heft zich in 1957 op. Sommigen vinden elkaar weer en besluiten een nieuwe groep op te richten: Fugare.

 

Leden:

Schilders:
Kees Andrea (1914 – 2006), Hannie Bal (1921-2012), Herman Berserik (1921 – 2002), Theo Bitter (1916 – 1994), Querine Collard (1920 – 1963), Jan van Heel (1898 – 1990), Nol Kroes (1918 – 1976), Willem Minderman (1910 – 1985), Henk Munnik (1912 – 1997), Rinus van der Neut (1910 – 1999), Willem Schrofer (1898 – 1968), Ferry Slebe (1907 – 1994), Frans Vollmer (1913 – 1961), Co Westerik (1924) en Frans de Wit (1901 – 1981).

Beeldhouwers:
Hubert Bekman, (1896 – 1974), Dirk Bus (1907 – 1978), Theo van der Nahmer (1917 – 1989), Rudi Rooijackers (1920 – 1998) en Bram Roth (1916 – 1995).

Later werden lid:
Rein Draijer (1899 – 1986), Wil Bouthoorn (1916 – 2004), George Lampe (1921 – 1982), Christiaan de Moor (1899 – 1981) en Aart van den IJssel, (1922 – 1983).